Kennisuitwisseling NGinfra en onderzoek Responsive Innovations

Met de miniatuurversies van Schiphol, de Rotterdamse haven en de Erasmusbrug letterlijk om de hoek, vormt Madurodam een perfecte setting om te praten over de infrastructuur van de toekomst.  Hier kwamen de onderzoekers en projectleiders van het onderzoeksprogramma Responsive Innovations van NWO en NGinfra, dat nu ongeveer een jaar loopt, bijeen om kennis te maken en te zoeken naar verdere samenwerkingsmogelijkheden.

Onafhankelijk
De pitches van de zes gehonoreerde onderzoeksprojecten zijn direct interactief en dynamisch. Het werkt als een carrousel: elke onderzoeker krijgt slechts drie minuten om over zijn (of haar) onderzoek te vertellen en moet vervolgens een vraag of een uitdaging voorleggen aan de volgende onderzoeker. Voordat diegene zijn pitch begint moet hij eerst de vraag van zijn voorganger beantwoorden. De opgeworpen dilemma’s zijn voor veel mensen herkenbaar. Zoals: hoe blijf je onafhankelijk ten opzichte van de projectpartners (zoals de Schiphol Group, Havenbedrijf Rotterdam, ProRail en Alliander)? ‘Het ethiek-hoofdstuk in het methodologie-handboek slaan mensen vaak over, maar misschien moet je juist onderzoeken hoe dit frame tot stand komt’, suggereert een van de onderzoekers.

Deuren openen
Verder blijkt de beschikbaarheid en toegang tot data voor velen een heet hangijzer. Sommigen moeten hierdoor op zoek naar andere case studies. Een veel gehoord geluid: de direct betrokken projectpartners begrijpen het belang van data voor de onderzoekers wel, en ondersteunen hen in het krijgen van toegang, maar de collega’s elders in de organisatie, die de data moeten aanleveren, hebben het onderzoeksbelang niet altijd voor ogen. ‘We hebben mensen nodig die deuren voor ons openen’, zegt een van de aanwezige onderzoekers. ‘Het is belangrijk dat er een veilige omgeving wordt gecreëerd waarin het delen van data mogelijk is’, zegt een ander.

Geven en nemen
Een goede relatie tussen de onderzoekers en projectpartners is dus essentieel. Maar met de lange adem die onderzoek vergt, kan er soms ongeduld ontstaan. Hoe hou je commitment voor zulke langetermijnprojecten? Bijvoorbeeld door tussentijdse resultaten te rapporteren en presenteren. Volgens Alfons van Marrewijk, hoogleraar bedrijfsantropologie aan de VU Amsterdam, moet er sprake zijn van balance reciprocity, oftewel een gelijkwaardige wederkerigheid. Geven en nemen. ‘Een wetenschappelijke publicatie is nou niet echt iets waar de projectpartners warm voor lopen. Je moet dus andere manieren vinden om iets te geven. Bijvoorbeeld met een lunchlezing.’ Volgens hoogleraar operations management Dirk Pieter van Donk van de Rijksuniversiteit Groningen is engaged scholarschip belangrijk, oftewel onderzoekers die betrokken zijn bij de praktijk en naast hun langetermijndoelen ook actiegericht onderzoek doen. Maar evengoed is engaged practicionership van belang, oftewel praktijkmensen die eerder reflectief zijn dan actiegedreven. Zo moeten beide werelden elkaar in het midden zien te vinden.

Snijvlakken
Tijdens een een-op-een-uitwisseling blijkt dat de verschillende onderzoeksprojecten veel gemeen hebben. Onderzoekers ontdekken dat ze met de andere projectteams kunnen samenwerken om bijvoorbeeld inzichten te delen over serious games, toegang te krijgen tot data of tot partijen die betrokken zijn bij actuele infraprojecten. Aan het eind van de ochtend vertelt Ben Lambregs van Alliander dat hij vanochtend beter inzicht heeft gekregen in wat de onderzoekers nodig hebben. Ben Puhl van Vitens concludeert dat de onderzoeksprojecten voor hem de ideale gelegenheid zijn om contact te leggen met de andere partners en ideeën te delen die zijn eigen sector overstijgen. ‘Zo kunnen we kijken naar overeenkomsten en mogelijke oplossingen.’ Voor Jan-Willem Weststrate van NGinfra is de bijeenkomst daarmee geslaagd. ‘Het spannendste onderzoek gebeurt juist op de snijvlakken van verschillende disciplines.’

Lees hier meer over het onderzoeksprogramma Responsive Innovations